october

** 1) ‘argusogen’ in mijn patatten bij het schillen;

** 2) inzinking – zenuwinzinking, 20.000 leagues under the sea - u.s.a. film 1954 - naar het boek van Jules Vernes, home alone, adult version;

** 3) geheelonthouder, de reden om alles op papier te zetten, kun je u daarna eens geheel bezuipen, het moeten niet altijd dezelfde zijn die werken;

** 4) poetswerk en poetsen van een poetsvrouw;

** 5) zo in mijn ééntje ben ik gelukkig dat koffie mannelijk is;

** 6) ‘brillen’ ogen die verblinden, maar een blinde leeft ook, verblindend weg, verstand terug;

** 7) ‘het loopt in 't honderd’ zo berekenend;

** 8) ‘ piece of cake’ iets scherp aansnijden, de veelhoekige tafel voor het rond was, puntig, met hoeveel zijn we dan, een punt is de kleinste zijde van een driehoek;

** 9) ‘ better than better’ beter dan beter, beter is beter dan best, best is alléén;

** 10) ‘doortrappen’ misschien een schakel teveel in de fietsketting, 5keer doortrappen en je kunt bikkelen;

** 11) ‘verzint voor je begint’ ik heb het geleerd op een brommer, ik wist het niet, ik had gereden met een fiets torpedo, dus ik dacht, een draaike met de brommer op de steenweg en gaan vragen hoe ik moest stoppen, doordat ik gas gaf met het draaien reed ik de gracht in… maar dat ik moet kunnen stoppen als ik met iets begin zit er bij mij wel in;

** 12) mijn elleboog is trouwer en beter bij de hand liggend dan toen die met pijlen;

** 13) ‘ontploft’ een gevecht gewoon keihard, gruis! Altijd bij de hand zoals met een fee stokje, gruis!

** 14) ‘door de mand gevallen’ parachute aan;

** 15) weerbarstige pijn, op 10 tenen getrapt;

** 16) goed om weten ‘breek mijn mond niet open’ tandartsen zielig ‘de morgenstond heeft goud in de mond’ gouden tanden, het letterlijke is het figuurlijke;

** 17) had mijn vader 100 kinderen gehad was ik 007;

** 18) sexueel monogaam, honderden vrienden en één speciaal;

** 19) hoe is sterven in het Latijns sprekend ‘aan zijn eind van zijn Latijn zijn’ het is een voordeel vragen te kunnen stellen wanneer je geen crimineel betweter bent;

** 20) zoals die rode snotpieten met kriekensmaak in een bollenwinkel, zo zouden er ook groen kunnen zijn van reine claudes en zoals die verloren soort blauwe gespikkelde mirabellen pruimen;

** 21) toen je het ‘mumbakkes’ vergat af te zetten kon ik zien met wie je leefde;

** 22) leven boven hun standing, zo ook leven onder hun standing en te breed van standing, een bed van 1meter 80, dat is 40cm breder dan 1.40m;

** 23) ‘je verliefdheid onder stoelen en banken steken’ met die taboeretten is het gemakkelijk te zien;

** 24) toen ze in de vijftiger jaren met tv begonnen zijn was het voor de vrouwen aan de haard gedaan met de goddelijke hallucinante man, ze kregen ze visueel zoveel ze wilden;

** 25) ik heb ‘haar’ altijd laten doen, en krullen dat het kan;

** 26) met scheel ogen, 2 oogpunten, 2 standpunten;

** 27) intelligentie jongen- meisje, jongens hebben de intelligentie van de mama's, jongens zijn de lievelingen van de mama's, meisjes hebben de intelligentie van (voor, met) de levenspartner die hen wacht;

** 28) verschillende liefden zijn luxueus, de liefde voor zonnestralen, de liefde voor maneschijn, sterrenpracht, de liefde van je relatie, de liefde voor bomen, bloemen, dieren, de liefde van eigen kinderen, de liefde voor een fan, de liefde voor het op papier te zetten;

** 29) kloon der melkweg is vrouw, computerkloon, de kloon astronomisch, de clown astrologisch, ‘je gezicht verliezen’ ‘je gezicht houden’ mirror, andere helft is de bescherming van de nog andere helft, bij binnenpretjes warm ik me op, mijn twee helften, mijn clown gevoelens, je kunt met geld geen kloon kopen, je kunt met geld geen clown kopen, een kloon kan geboren worden, met clown- gevoelens is er leven; ongekloond bijwoord: gastronomisch eet men elkeen met andere klonen, bijvoorbeeld met eitjes, verschillende kippen bij verschillende eierboeren, verschillende plaatsen, verschillende zuivelproducten, kloonveranderingen;

** 30) weemoedig waar het Nederlandstalig moedertje haar moed heeft bij het begin, weeën;

** 31) “feeks” het begin van een fee en het achterste van een heks;